woensdag 12 oktober 2011

niets is wat het lijkt

Woensdag 12 oktober
Ontwaken bij bronnen Damasta
KM 50963

We doen het rustig aan vanochtend. Blue skies, en de temperatuur is al 23 graden om negen uur. Eerst ontbijten en dan maar eens bij daglicht bekijken wat er toch zo bijzonder is aan deze locatie.

De auto’s rijden al weer af en aan. We zien zelfs Grieken al in hun badjas aan komen rijden. We gaan ook maar eens kijken.
Er zitten, poedelen en zwemmen al aardig wat mensen in dit natuurlijke warmwater bad.
Nou zijn we wel eens vaker ...
bij dit soort baden in Griekenland geweest, maar dan troffen we steeds zogenaamde heil(zame)baden aan, die er echter absoluut niet heilzaam uitzien. Mensen drijven of zitten dan in een visueel en fysiek nauwelijks doordringbare massa waaraan erg gezonde en/of genezende eigenschappen worden toegekend. Ik ben zelf een aantal jaren werkzaam geweest in sauna/thermen bedrijf en weet dat mensen soms goed betalen voor allerlei algen- en weet ik wat nog meer voor wrappingen.
Vervolgens wordt er dan buiten weer een sigaretje opgestoken, maar dat terzijde.
Als we ergens iets lezen over een of ander thermaal bad (of heilbad )krijgen we altijd het beeld voor ogen van een dergelijk iets op de Peleponnessos. Het is vlakbij Kato Samiko. We zijn wel eens langs de baden gefietst als we met de camper aan het strand stonden. Binnen een straal van 20 meter was er nauwelijks een oponthoud mogelijk vanwege de sterke lucht van rotte eieren. De mensen die er in zaten hadden zo te zien hun beste tijd al lang gehad. Of dat kwam door de vele baden of dat ze daar toch nog probeerden op te knappen weten we eigenlijk niet.
Als wij in Nederland de smurrie waarin ze dreven zomaar langs de weg zouden zetten, kregen we waarschijnlijk een fikse boete voor het storten van zwaar verontreinigd afval.

Even terug naar nu. Dit bad hier bij Damasta is zo helder als kraanwater en ruikt ook zo. Nergens naar dus. Ok, in sommige delen van het land ruikt het kraanwater naar chloor. Maar gewoon een lekker warm bad dus. Samen met de vrolijke mensen waarschijnlijk net zo heilzaam als de ‘heilzame baden’.

Op het parkeerterrein bij dit bad staan in een hoek diverse kraampjes. Eigenlijk zijn het busjes of pick-ups met wel of geen zeiltje eraan gespannen.
Er worden groenten en fruit verkocht, wat kleinmeubeltjes, noten, bonen, rijst, en er staat een dame met een houtskoolbarbecue gegrilde maiskolven te verkopen.
We kopen uien, kikkererwten, granaatappel, en als laatste twee warme gegrilde maiskolven bij de Grieken. Eén van de Grieken vertaalt en vertelt een en ander in het Engels. Als men hoort dat we uit Nederland komen gaat het gesprek al snel op onze koffieshop en ons softdrugsbeleid. Ze zijn allemaal wel jaloers want heel veel Grieken roken wiet. Volgens deze Griek is de GreekWeed ‘the best there is.’ Waar hebben we dat meer gehoord…



Het baden slaan we over.
Terug in de camper peuzelen we de mais meteen op als een soort toetje na het ontbijt. Een beetje flauw vinden we de mais wel, maar we hebben de dagelijkse portie groenten mooi al te pakken zo vroeg op de dag.

Op pad maar weer. Verder naar het zuiden. Zaterdagavond willen we aankomen in Valimitika, een dorpje in het noorden van de Peleponnessos. Daar woont een ouder Grieks echtpaar wat we al jaren bezoeken als we in Griekenland zijn. Daar kunnen we dan zondag op bezoek. Maandag vertrekt onze boot vanuit Patras, wat ongeveer een uur rijden vanaf Valimitika is. Ons schema begint nu dus een beetje strakker te worden.

We rijden via Bralos, Amflikia naar ons volgende doel: het nachtegalenbos vlakbij het nonnenklooster Jerusalim. Dat ligt boven het dorpje Davlia (Davleia) wat op zich al erg hoog ligt.
Een wonderschone route, temeer omdat we bijna constant het zicht hebben op het indrukwekkende Parnass gebergte met zijn besneeuwde toppen. Jawel, Koning Winter heeft zich al vroeg geroerd dit jaar.
De doorkomst door Davlia is pittig. Zeer steil en zeer smal. Het gas moet erop blijven. Kom je vanaf het zuiden aangereden kun je voor het dorp langs en gaat het wat gemakkelijker.
Ongeveer 600 meter voor het klooster is er een picknickplaats in het bos waar veel Griekse kampeerders allerlei bouwwerken hebben geplaatst waarin en waarbij ze vermoedelijk de weekenden en zomers doorbrengen. De bouwwerken zijn samenraapsels van zeilen, houten palen, oude deuren en planken, bijeen gehouden door spijkers en touw.
Dit alles ziet er natuurlijk niet uit maar de grote open plek maakt veel goed. Er is een open wasgelegenheid, er zijn diverse kranen (koud), er is zelfs een natuurlijke bron, en een toiletgebouw met 2 wc’s.

Nu zijn we hier een aantal jaren geleden ook geweest en weten dus dat alles een beetje op zijn Grieks is. Eenmaal de camper ongeveer waterpas gezet (het is hier nogal schuin) ga ik eens voorzichtig bij het toiletgebouw kijken, in mijn herinnering nog de confrontatie van toen.
Aangekomen op ongeveer een meter van de toiletten ruik ik iets waarvan ik vermoed dat het de geur is van de laatste toiletbezoeker. En dan bedoel ik niet de uitwerpselen maar de toiletbezoeker zelf die misschien wel in zijn laatste shit gebleven is. Zo te ruiken moet dat ook al enige tijd geleden zijn.
Omdat ik niet hetzelfde lot wil ondergaan trek ik mijn shirt voor mijn mond voordat ik een blik naar binnen werp. ‘The best’ komt in mij op. Een dergelijke strontpot heb ik zelden gezien moet ik zeggen. Gatverdamme. Het is een Frans toilet. Een wit (?) marmeren plaat met een gat erin en met geprofileerde voetafdrukken. Er staat een emmer bij voor het gebruikte toiletpapier. Daar ligt zo ongeveer 5 maal de hoeveelheid (gebruikt) papier in en op als wat de emmer aankan.
Nee, de poets is hier vandaag duidelijk nog niet geweest.

Gauw terug naar mijn frisse Monique. Die heeft de koffie al klaar. Wat zullen we doen? Hier blijven of verder rijden? De reden waarom we hierheen zijn gereden zijn de nachtegalen. Dat was jaren geleden ook de reden. Het bos hier staat bekend om zijn nachtegalen. De mythologie “Philomele” legt uit waarom.
We weten nog dat het toen werkelijk prachtig was. Honderden nachtegalen die floten en voor de rest hoorde je niets. We horen nu echter niets. Te vroeg misschien? Het zijn per slot van rekening nachtegalen of nightingales.

We staan hier als enigen. Er komen wel af en toe wat auto’s het terrein op die vervolgens helemaal naar achteren rijden om flessen water te vullen uit de bron.
Zigeuners, grote donkere mannen met baarden, jonge jongens met de radio hard aan, ach je kent het wel denk ik. Vandaag krijgen we er toevallig een beetje een ‘unheimisch’ gevoel van.
Zo komt er ook een auto langs met een paar jongemannen erin die er in eerste instantie nogal ‘duister’ uitzien. Ook zij vullen flessen uit de bron. Eén van de jongemannen komt naar ons toe gelopen en begint zowaar met een paar woordjes Nederlands. De jongen die we bij het langsrijden eerst een donkere, beetje enge, zwart bebaarde man vonden, blijkt nu een harstikke knappe en moderne Griekse jongen te zijn, met een zeer verzorgde korte baard, die vertelt dat hij net uit Den Haag terug is, waar hij als ober in een Grieks restaurant heeft gewerkt. Over drie maanden gaat hij weer naar Nederland om te werken in Gouda, ook in en restaurant. Hij heeft het geweldig naar de zin in Nederland. De mensen zijn ‘cool’.
Als hij vertrekt geeft hij eerst nog een hand en stelt zich voor als Stephano.
Even later komt ook de auto met o.a. de zigeunerdame terug die met een kindje op de schoot hartstikke vriendelijke zwaait en lacht in het voorbijgaan.
Niets is wat het lijkt….. Wie zei het ook alweer?

We blijven maar. Wel of geen nachtegalen. De zon schijnt nu en we vinden het zonde om nu weer een aantal uren te gaan rijden. We wassen nog de belangrijkste dingen want water is hier genoeg. De zon zal een uurtje later echter achter de donkere wolken verdwijnen en meteen wordt het een stuk frisser zo hoog hier in de bergen. We grillen buiten wat vlees en maken er een smakelijke salade bij. Het zoveelste Dr Frank menu dus.



Rond zes uur horen we de eerste nachtegaal. Of is het een bovengemiddeld fluitende mus? Later komen er nog twee bij. Vanaf acht uur echter is het doodstil hier. De nachtegalen hebben hun dag niet, of hun seizoen niet, of zijn niet broeds, loops of wat dan ook. Of ze zijn gewoon verdwenen.

En misschien hebben ze ’s nachts wel zo zacht hun repertoire gefloten om ons niet wakker te maken.

Overnachting vlakbij Davleia en Lapathias
KM 51038
N 38°31’04.9” E22°41’32.8”

mm2greece2011 weergeven op een grotere kaart


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen